75 jaar geleden slaakte Europa een zucht van verlichting. Op 8 mei 1945 gaf het Duitse leger zich over na meer dan 5 jaar oorlog en fascistische dictatuur in Europa. De fascistische gruwel en de oorlog voor de bevrijding hadden meer dan 65 miljoen slachtoffers gemaakt. Met PVDA Turnhout herdachten we op 8 mei de Turnhoutse slachtoffers van de fascistische gruwel en de Turnhoutse verzetsstrijders.

Het is belangrijk vandaag samen te komen om te herdenken wat 75 jaar geleden gebeurde. Het is belangrijk stil te staan bij de terreur van de Duitse bezetter en van de lokale collaborateurs. Want door in herinnering te brengen kunnen we duidelijker zeggen: “nooit meer”. Maar het is even belangrijk stil te staan bij zij die zich verzetten tegen de gruwel. In Turnhout weigerden tientallen jonge mensen gevolg te geven aan de Duitse oproepingsbrieven. Ze vluchten in de illegaliteit en sloten zij zich aan bij het Verzet. 

Het verzet van gewone mannen en vrouwen had een doorslaggevende rol in het verzwakken van het bezettingsleger, in de moeilijkste oorlogsjaren. Ook in Turnhout waren verschillende verzetsgroepen actief. Ze zorgden voor de verspreiding van vrije pers die ontsnapte aan de Duitse censuur. Ze hielpen bij het onderduiken van werkweigeraars en van Engelse parachutisten. Ze saboteerden Duitse militaire transporten over de spoorlijn Turnhout - Tilburg: de spoorwegbrug over het kanaal, waar vandaag de fietsbrug naar het Bels Lijntje begint, werd meermaals opgeblazen door het Turnhouts verzet.

Maar ook bij de uiteindelijke bevrijding in september 1944 speelde het verzet een doorslaggevende rol. De Turnhoutse verzetsstrijders maakten de geallieerde soldaten wegwijs in de stad. Toen de geallieerde soldaten de grote markt opreden werden ze voorgegaan door een voertuig van de Witte Brigade. Bij de herdenkingsplechtigheid die de stad in september vorig jaar organiseerde ontbrak die eerste wagen. En reeds voor de geallieerden de markt kwamen oprijden in 1944 was het stadhuis bevrijd door Turnhoutse verzetsgroepen. Het heldendom van al die gewone mannen en vrouwen is een erg onderbelichte bladzijde in onze geschiedenisboeken. Ook in de officiële herdenking die de stad Turnhout organiseerde in september vorig jaar.

Eén van die verzetsbewegingen was het Onafhankelijkheidsfront, dat werd opgericht op initiatief van de Communistische partij van België. In Turnhout werd het Onafhankelijkheidsfront geleid door kunstenaar Remy Cornelissen, ook gekend als leraar aan de Academie van Turnhout en aan het Atheneum van Berchem.

In 1956 werd het monument Pro Patria opgericht dat door Remy Cornelissen ontworpen was in opdracht van het Comité Politieke Gevangenen. Dit kunstwerk brengt hulde aan de politieke gevangenen en weggevoerden tijdens WO II.

Wij willen niet vergeten. Net op het moment dat we vrijwillig een deeltje van onze vrijheid opgeven in strijd tegen het coronavirus, beseffen we hoe dierbaar die vrijheid ons is. We mogen die vrijheid nooit laten afpakken door de moderne verdeel-en-heersers en door donkerbruine Twitter-toeteraars, verkleed in maatpak. We willen dan ook alle Turnhoutse slachtoffers en alle Turnhoutse verzetsstrijders herdenken.

Herdenken doen we met een bloem. Een bloem van liefde en van strijd. Dat doet ook het bekende partizanenlied Bella Ciao.

 

Toen ik vanmorgen vredig ontwaakte,
was de verdrukker in de stad.

O partizaan, ‘k wil met je mee,
want de dood zit in mijn hart.

En als ik sneuvel als partizaan,
laat mij dan rusten in mijn graf.

En laat mij rusten in gindse bergen, 
in de schaduw van een bloem.

En alle mensen die daar passeren, 
die zullen kijken naar die bloem.

Dat is de bloem der partizanen,
voor de vrijheid zijn ze dood.


Schrijf als eerste een reactie

Gelieve je mail te bekijken voor een link om je account te activeren.

Doe je mee?